Intussen in het asiel: Jaws

Intussen in het asiel: Jaws

Deze week realiseer ik me weer hoeveel lieve dierenvrienden er in de wereld zijn. Mensen die ons blog lezen, die dieren het allerbeste wensen en die ons ruimhartig financieel ondersteunen. In één week ontvangen we ruim 500 euro van mensen die het blog over de lentekaters hebben gelezen. En als we dan ook nog eens van een hele aardige mevrouw 500 euro krijgen overgemaakt, is mijn week meer dan goed.

Ik besluit daarom dat het blog deze week over iets heel anders moet gaan dan katers. Of ongecastreerd. Of stank. Daar is voorlopig genoeg over gezegd nu.

De rood-witte ongecastreerde kater is er slecht aan toe als hij wordt binnengebracht bij Dierentehuis Stevenshage. De eigenaar is nog altijd onbekend.

Dierenambulance

Dan brengt de dierenambulance een rood-witte ongecastreerde kater binnen. Hij stinkt, al is het niet de gebruikelijke katerstank. Als Marlies hem bekijkt, ziet ze de enorme pussende wond op zijn achterlijf die de geur veroorzaakt. Ze belt meteen de dierenarts dat er een kat aankomt. Geen vraag, maar een mededeling.

Omdat de asielbus bij de garage is, leent Marlies eventjes de auto van Eline. Als die later de foto van de kater op onze WhatsApp groep ziet, heeft ze daar alras spijt van.

Wonden

De kater is er niet goed aan toe. Hij krijgt een roesje, zijn achterhand wordt geschoren. Een aantal gapende gaten wordt zichtbaar. Zijn het bijtwonden? Maar van welk dier dan? Zijn achterlijf wordt grondig schoongemaakt (inclusief een hele rits vliegeneitjes) en ontsmet, de wonden gespoeld. Na een infuus met vocht en een fiks shot pijnstillers en medicatie mogen we hem later die middag weer ophalen. Grootmoedig stelt Eline nogmaals haar auto ter beschikking (de foto in kwestie ziet ze pas later).

Onderstaande foto toont de wonden van de kater. Klik op de foto voor een scherpere versie.

Klik op de foto van een scherpe versie (opent in nieuw venster)

Jaws

We noemen de ongelukkige kater Jaws. Als ik ’s avonds bij hem ga kijken, mauwt hij me klaaglijk toe en verroert geen vin. Ik zet een bakje eten neer en laat hem verder met rust. Me ondertussen afvragend of hij a) misschien schuw is en b) kan staan en lopen. Woensdagochtend ga ik even bij hem kijken. Hij heeft zich in ieder geval omgedraaid en begint voorzichtig aan zijn ontbijtje.

Roze olifantjes

Dan zie ik Eline in de nachtopvang met een cypers ongecastreerd katertje -natuurlijk- die op drie poten staat. Hij heeft onnoemelijke dorst en is behoorlijk mager. Als we hem even laten rondlopen, zien we dat er een fiks probleem moet zijn. De bespiering op zijn ene achterpoot is nagenoeg verdwenen en er zit, van bovenaf gezien, een rare kronkel in zijn rug.

“Dierenarts” zeggen we in koor. De röntgenfoto laat zien dat de heup van het katertje uit de kom is. En wel zodanig dat terugzetten niet meer gaat lukken. Verder voelt de dierenarts crepitatie in het bekken, wat betekent dat er stukjes bot tegen elkaar aan schuren. Dit duidt waarschijnlijk op een breuk, maar door de kromming in zijn rug is dat op de foto niet goed te zien. “Haal de roze olifantjes er maar bij” zeggen we. En bedoelen “maximale pijnstilling alsjeblieft”. Ook op zijn hok komt een briefje “hokrust”.

Nog meer katers

De slechte poot van de cyperse kater amputeren is zeker een optie, maar de vraag is dan wel of zijn andere poot het extra werk wel aan zal kunnen. Ook bij hem is het daarom afwachten hoe het verder gaat. “Deze noemen we Krak”, zegt Eline. Toepasselijk wel.

’s Avonds lijken beide katers het wat beter naar hun zin te hebben. Ik krijg een kopje van Krak en Jaws wil wel wat eten. En passant brengt de dierenambulance nog twee katten binnen. Eh ja, inderdaad, ongecastreerde katers (dat hoef ik eigenlijk er niet meer bij te vermelden toch?). De ene fris en fruitig, de andere een beetje minnetjes. Die moet ook nog even naar de dierenarts.

Machteloos

De volgende ochtend ziet Eline dat Jaws naar het toilet moet, waar hij in plaats van ontlasting pus produceert. Hij haalt moeilijk adem en wankelt als hij opstaat. De dierenarts kan niet veel anders doen dan constateren dat de infectie zich heeft uitgebreid en dat er al veel weefsel is afgestorven. We staan machteloos en kiezen er gezamenlijk voor om zijn lijden te beëindigen. Allemaal zijn we er behoorlijk door aangeslagen.

Voor Krak ziet de toekomst er vooralsnog rooskleuriger uit. Hij eet en drinkt goed en alles komt er ook op de juiste manier weer uit. Nog beter nieuws is het als de eigenaar zich meldt, die haar Pip al drie weken kwijt is en dolblij dat ze hem kan ophalen.

Recidivist

De nieuwe kater, Hubertus gedoopt, blijkt te niezen en verhuist naar de ziekenboeg. Bij hem is het vooral zaak dat hij gaat eten. De andere nieuweling is een recidivist. We bellen meteen zijn eigenaar. Die al snel op de stoep staat en plotseling het nut van een microchip begint in te zien. Getweeën verlaten ze het pand, kater voorzien van i.d. en baas van de raad om zijn dier te laten ‘helpen’.

Oh *bliep* dit blog zou niet over katers gaan. Of ongecastreerd. Of stank. Nou ja, volgende keer beter.

 

Voor de meeste ongecastreerde katers die bij ons binnenkomen, meldt zich geen nieuwe eigenaar. Nadat we deze katten hebben ingeënt, ontwormd, ontvlooid, gechipt en gecastreerd, gaan wij voor hen op zoek naar een nieuw plekje. Onderstaande katers Björn, Nathan en Maseo zijn inmiddels zover. Klik op hun foto’s voor meer informatie. Wilt u ons steunen bij de opvang, verzorging en herplaatsing van de golf ongecastreerde katers die het asiel momenteel overspoelt, klik dan hier.

Kater Bjorn zoekt een nieuw huisje. Klik op de foto voor meer informatie. Kater Nathan zoekt een nieuw huisje. Klik op de foto voor meer informatie. Kater Maseo zoekt een nieuw huisje. Klik op de foto voor meer informatie.

Eén gedachte over “Intussen in het asiel: Jaws

  1. Ach gossie toch. Zit ff te tranen hoor op de bank over het verhaal van Jaws. Jullie doen zó goed je best, maar jullie maken dan ook altijd wel een goede keuze.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *