Intussen in het asiel: Twintig jaar

Intussen in het asiel: Twintig jaar

Eén van mijn secundaire arbeidsvoorwaarden is dat ik de trimkamer in het asielgebouw kan gebruiken voor mijn eigen dieren. Daar sta ik op mijn vrije dag mijn eigen hond – de poedel – te borstelen. Poedels zijn geweldige honden met een even geweldige vacht. Die ook – laten we eerlijk zijn – geweldig veel vachtverzorging nodig hebben. Ik profiteer daarom vrij vaak van de prachtige trimvoorziening in ons gebouw.

De Poedel: geborsteld en geknipt!

Om me heen zijn de geluiden van een dierenasiel in vol bedrijf hoorbaar. Poedel staat altijd keurig stil en tijdens het borstelen dwalen mijn gedachten onwillekeurig af naar twintig jaar geleden. September 1997. Vers terug uit de Verenigde Staten, zet ik mijn allereerste stap over de Stevenshage-drempel. Asielervaring heb ik dan al opgedaan als assistent-manager van het asiel van Tinton Falls in New Jersey. Want tja, als je eenmaal besmet bent met het “asiel-virus”, laat het je nooit meer los. Ik kijk in het telefoonboek – ja, jongens en meisjes, dit was nog vóór het internet – waar het dichtstbijzijnde asiel is. Stap op de fiets en trap naar de Kenauweg in Leiden. Op dat moment heb ik nog geen flauw idee dat ik op die plek heel wat voetstappen zal gaan zetten. Om nog maar te zwijgen van de blijdschap, zweetdruppels, ergernissen en tranen die ik er zal doormaken.

Op mijn eerste dag als vrijwilliger word ik aan het werk gezet in een overvol kattenpension en mag aansluitend honden uitlaten. Ik kom te laat terug van de wandeling met Boy, de Staffordkruising met de grote oren en krijg een standje van de hondenverzorgster.

Intussen geniet ik van de mogelijkheden die Dierentehuis Stevenshage de dieren te bieden heeft. Van het licht en de ruimte in het gebouw – vergeleken met het asiel in Amerika is het een paleis -, de efficiënte indeling van de kattenquarantaines en het feit dat we geen gezonde dieren hoeven te laten inslapen vanwege ruimtegebrek.

Kort nadat ik begin als vrijwilliger mag ik een half jaar invallen als hondenverzorger. En dan raken ze me écht nooit meer kwijt. Ik mag gaan helpen bij het spreekuur van dierenarts Emile. Ook daar word ik blij van wat er allemaal voor de asieldieren mogelijk is.

Ik weet zeker dat de medewerkers en de dierenarts af en toe gek van me worden. Zoveel vragen. Zoveel ideeën. Zoveel verhalen. Het zou me niet verbazen als ik destijds een bijnaam heb gehad. De Betweter ofzo. Misschien heb ik die nog wel. Wat niet weet, wat niet deert.

Twintig jaar vlíegen voorbij. Van vrijwilliger, naar medewerker, naar beheerder. Twintig jaar vol dieren, mensen, gebeurtenissen, verbazing, frustratie, lief en leed.

Ik keer terug in het hier en nu en til de poedel van tafel. In twintig jaar verandert er veel – van donkerbruin naar zilvergrijs bijvoorbeeld – maar sommige dingen blijven hetzelfde. Bij Dierentehuis Stevenshage draait alles om de dieren.

 

Klik hieronder door naar de filmpjes met onze asielbeheerder Nicolette die onlangs op TV West verschenen:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *