Intussen in het asiel: Het kostenplaatje

Intussen in het asiel: Het kostenplaatje

“Wat kost dat nou” vraagt de persoon aan de andere kant van de lijn “om een huisdier te hebben?”. In tegenstelling tot de eerste corona golf, merken we nu wel dat veel mensen op zoek zijn naar een ‘diertje’ voor in huis en we worden overspoeld door mailtjes en telefoontjes.

Veel geld

“Nooouuu” zeg ik “we hebben het wel over flinke bedragen”. Maandbedragen van 100 euro voor een kat en 200 voor een hond (van gemiddelde grootte) schieten door mijn hoofd. Als ik die noem roept de andere kant “zoveel? dat kan ik helemaal niet missen”. Direct gevolgd door “ik heb toch ook gewoon recht op een huisdier!”.

“Het is zeker veel geld. Je hebt de aanschaf, die kan variëren van 95 euro voor een asielkat tot 1500 euro voor een rashond. Voer, vaccinaties, chip, hondenbelasting, vlooienmiddelen, speeltjes, nog meer speeltjes, want die andere gaan kapot of raken kwijt, castratie of sterilisatie, halsband, riem, kattenluik op chip, hondenschool, WA-verzekering, trimmer en natuurlijk de dierenarts” zeg ik in de hoop dat deze aspirant-baas niet lichtzinnig aan een ‘diertje’ zal beginnen.

Om het gesprek luchtig te houden voeg ik er nog aan toe “en natuurlijk een goede stofzuiger, extra pantoffels voor als je een pup hebt of nieuwe gordijnen als je een jong katje neemt en in beide gevallen tapijtreiniger voor de ongelukjes”. Het valt niet in goede aarde. “Voer bij *naam van een goedkope supermarkt* kost toch bijna niks en ik hoef echt niet elk jaar naar een dierenarts.”.

Medische kosten

Ik denk onwillekeurig aan collega Marlies die een dag ervoor met een tubetje zalf terugkomt van de dierenarts. “Oorzalf voor Amstel” zegt ze met een boer-met-kiespijn-achtig lachje “vijfentwintig euro, gelukkig werkt het wel heel goed.” Kat Amstel heeft terugkerend last van zijn oren. Marlies heeft al honderden euro’s uitgegeven aan onderzoeken, foto’s, kweekjes, biopten, specialisten en is nu op het punt ‘dan maar af en toe zijn oren zalven als hij weer last heeft’. Sowieso gaat een flink deel van haar salaris in de verzorging van Amstel zitten. In zijn 13-jarige leven heeft hij vaker serieuze maar vage klachten gehad. De medische kosten die daarop volgden waren concreet en fiks. Daarnaast blieft hij niet langer dan een paar dagen achtereen hetzelfde dieetvoer, heeft hij drie gebitssaneringen achter de rug én is hij in talrijke territorium-gevechten verwikkeld met regelmatig abcessen tot gevolg. Bij Amstel kom je er echt niet met 100 euro per maand…

Kater Amstel met zijn baasje, kattenverzorgster Marlies van Dierentehuis Stevenshage in Leiden.

Bewuste keuzes

Kortom, dieren kosten geld en dat kan behoorlijk oplopen. De ervaring van het Stevenshage team is dat onze eigen huisdieren ons ruim meer kosten dan wat er gemiddeld voor staat (bijv. het LICG). Of het nu om speciaal pancreasvoer gaat, behandeling voor een blaasverstopping, de tuin ontsnappings-proof maken of speciale speurtraining. Veel Geld. (Speciaal nog even de aandacht op gebitten. Jaarlijks checken, saneren indien nodig. Niet op besparen want het idee dat je lieveling met kiespijn moet rondlopen en kans op ernstiger gezondheidsklachten…maar wel serieuze kosten.)

Wij maken daarom bewuste keuzes. Niet roken (dat scheelt bijna drieduizend euro per jaar). Nieuwe schoenen? Pas als de oude versleten zijn. Geen vakanties naar het buitenland maar strandwandelen in Katwijk. Geen vuurwerk kopen. Niet meer dieren in huis nemen dan je financieel kunt behappen.

Onverwacht maar niet onvoorzien

Het maakt een dier werkelijk geen zier uit of hij in een paleis of een hutje woont, zolang zijn baasje maar voor hem zorgt op alle vlakken. De verantwoordelijkheid neemt om de fysieke, mentale en emotionele behoeftes van zijn dier te vervullen. Mijn reactie in het telefoongesprek is zoiets als “een huisdier is volledig aan u als baasje overgeleverd voor zijn geluk, gezondheid en welzijn. We hebben het over levende wezens, waar van alles mee kan gebeuren. Ziekte, gebitsproblemen (voorkomen is beter!), een ongeluk, een vechtpartij, een gedragsprobleem. Dan kom je voor aanzienlijke kosten te staan. Je moet daar van tevoren over nadenken en rekening mee houden. Sparen bijvoorbeeld. Zodat kosten weliswaar onverwacht maar niet onvoorzien zijn.”

Gunnen

Het gesprek eindigt met de ietwat korzelige vaststelling “het lijkt wel of jullie mij geen dier gúnnen”. Natúúrlijk gun ik iedereen een huisdier. Maar nog veel meer gun ik elk dier een verantwoordelijke eigenaar. Voordat ik dit kan zeggen, klikt de lijn al weg. Ik hoop vurig -omwille van het dier dat er vast wel gaat komen- dat er toch iets van dit gesprek zal blijven hangen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *