Intussen in het asiel: De nachtwaker

Intussen in het asiel: De nachtwaker

Het blog is deze week geschreven door Aslan, de kater van asielbeheerder Nicolette.

Ik ben Aslan. Ik ben de nachtwaker van het asiel. Dat komt zo: mijn moeder was een zwerfpoesje. En mijn personeel had haar mee naar huis genomen “voor in de pleeg”. In de pleeg (leek veel op een huis) zijn we geboren, mijn zes broertjes en zusjes en ik. Ik was de eerstgeborene en de dikste grootste. Omdat onze moeder Adoria was genoemd in het asiel, moesten onze namen allemaal met een A beginnen.

Kitten Aslan

“Ahh, deze heeft een leeuwenbek” was het eerste dat ik hoorde, gevolgd door “deze noem ik Aslan”. Aslan betekent leeuw, ziet u. Ik vraag me nog steeds af of ze weet hoe een echte leeuw eruit ziet, maar oké, ik werd dus Aslan. Met z’n zevenen maakten we een paar maanden lang het pleeghuis onveilig. Eén na één zwaaiden mijn broer Anant en ik onze broertjes en zusjes uit.

“Waarom wil nou niemand júllie hebben” verzuchtte ons personeel na een tijdje “jullie zijn hartstikke leuk”. Broer en ik wisten uiteraard allang dat we ons personeel al hadden gevonden en dat ze gewoon wat traag van begrip waren.

Aslan toen hij nog een kitten was.

Wolvenbloed

‘De mannen in streepjespak’ werd onze bijnaam. Het komt wat lastig uit de bek maar accuraat was het wel. Zowel mijn broer als ik vonden het grappig om ons personeel de stuipen op het lijf te jagen door beurtelings een paar nachtjes in de duinen aan de rol te gaan. (En het personeel maar zoeken. Ze doorwaadden zelfs een moddersloot omdat ze ons aan de overkant hoorden mauwen. Dachten ze. Humor.)

Ruim een jaar was het lang leve de lol. Totdat mijn broer werd aangereden. Onder ons gezegd en gezwegen: het was natuurlijk tragisch, maar ik was nu wel mooi de enige thuis met een streepjespak. Ik heb mijn personeel toen eens diep in de ogen gekeken en laten beloven dat ik een solo katachtige zou blijven gedurende al mijn negen levens. Met de pseudowolven in huis heb ik totaal geen moeite trouwens. Ik denk dat ik wellicht -want behalve mama zijn mijn voorouders immers onbekend- een paar scheuten wolvenbloed door de aderen heb stromen.

Verhuizing naar het asielterrein

Afijn, na een jaar of wat struinen in de duinen, begon het personeel dozen in te pakken en met spullen te slepen. “Het vrije leventje is voorbij, Aslan” werd me gezegd “nu wordt het werken voor de kost”. Het personeel ging het asiel beheren en mij viel dientengevolge de enorme verantwoordelijkheid van de asielterrein-veiligheid ten deel. Mijn nieuwe werkgebied had bossen, tuinen, struikgewas, asfalt, auto’s, vrachtwagens, fietsen, vele mensen, ratten, muizen, hier en daar een waterkip en helaas een opvallend gebrek aan duinen.

Katachtigen waren er ook, de meeste veilig achter tralies. En overdag pseudowolven in groten getale. ’s Avonds is het allemaal van mij. Degene die zich dan zonder toestemming op mijn terrein begeeft, moet dat bezuren. Mijn personeel is inmiddels heel handig geworden in het behandelen van mijn diverse bijt- en vechtwonden.

Stevenshage nachtwaker Aslan in zijn jongere jaren.

Nachtwaker van Stevenshage

Ik neem mijn taak uiterst serieus. Zo hield ik tijdens de verbouwing van het asiel de constructiewerken nauwlettend in de gaten. In ruil liet ik mijn pootafdrukken achter in het cement van de nieuwe vloer. Mijn Walk of Fame, zeg maar.

En als Eline het nodig vindt om ’s nachts schoongemaakte kattenhokken buiten te laten staan “om te drogen” wijs ik er graag even op dat die echt nog wel naar katachtigen stinken (wat? hoe moet ik het dan markeren? met een viltstift ofzo?).

Het stak me dan ook dat mijn personeel vorig jaar in mijn beoordelingsgesprek mijn werkethos ter discussie stelde. “We willen zichtbaarheid van je, Aslan” “We willen meer van je skills zien, Aslan” “Op bed lanterfanten is geen werken, Aslan, ” Als sanctie werd ik meteen gekort op mijn maaltijden met het smoesje dat ik te dik groot werd.

Camerabewaking

Na dreigen met een muizen-vang-staking en keiharde onderhandelingen zijn we tot een compromis gekomen: een geavanceerd videobewakingssysteem voor het gehele asielterrein. Hiermee kan ik aantonen dat ik me wel degelijk de snorharen uit mijn lijf loop terwijl zij lekker op één oor liggen. (Dit kostte me slechts de concessie om voortaan buiten drogende kattenhokken met rust te laten.)

Mijn personeel kijkt nu dagelijks mijn nachtelijke bezigheden terug, een harde eis van mijn kant. En nu ik mezelf heb aangeleerd om geregeld nadrukkelijk in de diverse camera’s te kijken of om in beeld een muis te vangen, lijken mijn nachtopzichter-kwaliteiten inderdaad veel meer gewaardeerd te worden. Onbevoegden en onverlaten zijn hiermee gewaarschuwd. Aslan waakt!

Kater Aslan neemt zijn taak als nachtwaker van het asielterrein van Dierentehuis Stevenshage in Leiden zeer serieus.

3 gedachten over “Intussen in het asiel: De nachtwaker

  1. Die Aslan. Avontuurlijk dier. Bovendien een getalenteerd schrijver op vier pootjes.
    Hebben er weer eens enorm van genoten. Top !
    Els en Leo

Reageren is niet mogelijk.

Reageren is niet mogelijk.